Van Delta naar de Dageraad
Opening: zondag 7 juni om 13 uur door Peter Jansen
Kees en Marja van Dam hebben bijna vier decennia in Den Haag een drukkerij gehad. Van 1966 tot 1977 was dat drukkerij Delta en van 1978 tot 2006 De Dageraad. Hun drukwerk onderscheidde zich niet alleen door perfect vakmanschap maar ook speelden zij een belangrijke rol in het Haagse sociale en artistieke leven. Met meer dan 140 beeldend kunstenaars hebben zij nauw samengewerkt.
Op deze expositie worden grafische hoogtepunten van hun productie getoond. In de begeleidende publicatie weiden dertien vormgevers en uitgevers uit over hun ervaringen met dit bijzondere drukkersechtpaar.
Provoblad God, Nederland & Oranje dat wegens majesteitsschennis door de politie in beslag werd genomen, 1966
Brochure van de Haagse Hogeschool met fotos van Gerard Fieret, vormgegeven door Martijn Reeser, 1998
Met de expositie Echo van Henrik Kröner en Jeroen Glas opent Heden het nieuwe seizoen. De opening vindt plaats op zondag 6 september om 13 uur. Toktek vs mnk zal tijdens de opening live een audiovisuele performance uitvoeren.
Beide kunstenaars zijn uitgenodigd een tentoonstelling te maken op basis van gelijksoortige interesse, namelijk: licht. Die interesse komt op verschillende wijzen tot uiting, maar heeft als uitgangspunt de schilderkunstige traditie.
Jeroen Glas (Groningen, 1981) werkt veel met ‘black light'. Hij verwerkt dit specifieke licht in kleine installaties die doen denken aan schilderijen.
Heel zorgvuldig wordt het werk gecomponeerd, opgebouwd uit verschillende elementen. Dat wordingsproces is soms heel goed te volgen, hij laat bij een aantal werken de achterkant van het werk zichtbaar. Glas studeerde in 2005 af aan het Frank Mohr Instituut.
Henrik Kröner (Nordhorn Duitsland, 1979) houdt zich momenteel veel bezig met het schilderen met encaustiek, een oude schildertechniek waarbij pigment gemengd wordt met hete bijenwas. Doordat hij die transparante encaustiek aanbrengt op zeer dun doek, kan hij de achterkant van de drager ook gebruiken als beeldelement. Kröner studeerde in 2008 af aan het Frank Mohr instituut.
Glas en Kröner zullen ook een samenwerking aangaan bij Heden, er zal een 'site specific' werk gemaakt worden op de Denneweg.
Sybrandt van Keulen is door Heden gevraagd een essay te schrijven naar aanleiding van het werk van Glas en Kröner. Van Keulen is docent 'Esthetica in de filosofische traditie' aan de afdeling wijsbegeerte van de Universiteit van Amsterdam. Daarnaast is hij hoofdredacteur van Esthetica. Tijdschrift voor Kunst en Filosofie.
Henrik Kröner, Spring has sprung, schilderij, 2008
Jeroen Glas, zonder titel, gem. techn., 2008
Henrik Kröner, Rehe strahlen Stress aus, schilderij, 2008
Jeroen Glas, zonder titel, gem. techn., 2008
Zondag 25 oktober is om 13.00 uur deze bijzondere expositie geopend. Met muziek van New Kid on The Blokfluit!
Tijdens deze expositie kunt u het werk zien van verschillende kunstenaars die hebben deelgenomen aan Landing Soon, het 'artist in residence' programma van Heden en Cemeti Art House in Yogyakarta, Java. Heden toont de resultaten van Ralph Kämena, Urs Pfannenmüller, Elizabeth de Vaal, Cilia Erens en Rosalie Monod de Froideville.
Gevels met reclame en kunststofelementen domineren de straten van Yogyakarta. In enkele architectonische modellen toont Urs Pfannenmüller de voorkant, die macht en representatie uitstraalt; de achterkant is haveloos en veronachtzaamd. De modellen zijn geen letterlijke omzetting van bestaande gebouwen maar een essentie van zijn observaties. In een serie aquarellen van steeds dezelfde straat met een zwart-wit geblokte middenberm laat hij zien, hoe oude en nieuwe bebouwing naast elkaar staan en soms in elkaar grijpen.
Elizabeth de Vaal toont een schilderij met als lijst een deel van een huis, een Gebyog. Het boek Art Criticism bevat de belangrijkste westerse kunstwerken en wordt tientallen malen gekopieerd. Van een Mondriaan kun je uiteindelijk alleen nog maar wat lijnen en stippen zien. Dat beeld samen met het lezen van Helena Spanjaard's Het ideaal van een moderne Indonesische schilderkunst en het zien van grote gebeeldhouwde lijsten bij een Indonesische schilder, hebben tot dit werk geleid.
Soundspace Yogya, A Sounddiary en Nyepiwalk zijn de twee werken van geluidskunstenaar Cilia Erens. Voor Soundspace Yogya, a sounddiary liet zij zich inspireren door wat ze noemt de ‘earcatchers’ van Yogyakarta - de geluidsthema’s waar haar oren gedurende drie maanden aan bleven hangen buiten op straat. Voor Nyepiwalk (Stiltewandeling) liet ze zich leiden door een terugkerend thema in haar werk: collectieve stilte. Klik hier voor meer informatie over dit werk.
Voor de serie Anomalies, vroeg Rosalie Monod de Froideville immigranten in Yogyakarta een object te beschrijven dat hun land van herkomst vertegenwoordigt. Deze beschrijvingen legde ze voor aan lokale handwerklieden. Door hen geen verdere uitleg of schetsen te geven, werden zij gedwongen hun eigen interpretatie te geven bij het reproduceren van deze exotische objecten. Het werk ‘Inbetweenness (not green, not grey)’ is een installatie die bestaat uit een eiland van aarde en een boek.
Tot slot, het werk In Transit van Ralph Kämena. In Transit is een fotodoucmentaire over de bureaucratie van Yogyakarta. In zijn beeldessay ontrafelt hij de structuur van het labyrint stadhuis. Zonder ooit persoonlijk te worden komt Kämena dichtbij om zijn onderwerp in detail te ontleden. Het beeld wat uit deze benadering ontstaat geeft een universeel beeld van het begrip bureaucratie. Het volledige werk is alleen te zien in de bijbehorende gelijknamige catalogus (112 pag.).
Rosalie Monod de Froideville, Inbetweenness, 2009
Cilia Erens, Soundspace Yogya , 2009
Cilia Erens, Soundspace Yogya 2 (foto: Edward Rosano)
Rosalie Monod de Froideville, Kaasschaaf, 2009
Rosalie Monod de Froideville, A Cup Of Coffee, 2009
Elizabeth de Vaal, Betwist gebied, 2009
Ralph Kämena, General licence department, 2009
Urs Pfannenmüller, Model Banjir Hadiah, mixed media, 2008
Ralph Kämena, General licence department, 2009
Urs Pfannenmüller, Model Banjir Hadiah, mixed media, 2008
Het experiment in de fotografie en specifieker nog, experimenteren met licht op film, is Maters werkterrein. Zij ontleedt en toont ons hoe het licht wordt gevangen in een lichtdicht kastje. De kijker wordt daarbij aan het werk gezet.
Al een aantal jaar volgt en verzamelt Heden het werk van Katja Mater. Wat ons in het werk van Katja aanspreekt is het onderzoekende uitgangspunt die de foto's typeren. Mater werkt met de basiselementen van de fotografie; namelijk licht en lichtgevoelige film. Dat levert op het eerste gezicht niet direct ‘mooie' plaatjes op maar daar is het Mater ook niet meteen om te doen. Zij heeft zichtbaar veel plezier in het opzoeken van de grenzen van de fotografie, en probeert het kijken van de kijker op scherp te stellen. In haar eigen woorden: "In plaats van door de fotografie heen te kijken - als een min of meer transparant medium - probeer ik de toeschouwer de fotografie zelf te laten zien."
De tentoonstelling bevat werk dat in het afgelopen jaar is ontstaan. Als onderdeel van de tentoonstelling zal de publicatie Study on Colour van Katja Mater worden gepresenteerd.
Een aantal kunstwerken uit de tentoonstelling zal worden opgenomen in de collectie van Heden en zijn vanaf februari volgend jaar beschikbaar voor bij jou thuis.
Fig. 38a, 2009
Fig. 23b, 2009
Fig. 24b, 2009
Fig. 26a, 2009
Op woensdag 24 februari is er om 19.30 uur een artist talk met Wiebe van der Hoeven bij Heden. Je kunt je daarvoor nog opgeven door een mailtje te sturen naar arthur@heden.nl
Zondag 7 februari is de nieuwe tentoonstelling In search of the postmiraculous van Wiebe van der Hoeven bij Heden geopend.
Heden heeft zeer recent een piepklein kunstwerk van Wiebe van der Hoeven aangekocht uit zijn eindexamenpresentatie aan de kunstacademie van Den Haag. Het is een beeldje dat gemaakt is van haar en afgeknipte nagels van de kunstenaar zelf. Het is het kleinste kunstwerk uit de collectie van Heden. Het is een relikwie. Het eigenaardige van dit kunstwerk is dat het dus heel erg klein is, maar heel erg groot lijkt.
Bovendien heeft het beeldje ook nog eens de vorm van het soort monument dat je terug zou kunnen vinden op een plein in Boedapest of Peking, en dan zo groot dat je er onderdoor zou kunnen rijden. Van der Hoeven maakt dus monumenten. Hij schrikt niet terug van het grote gebaar. Theater is hem op het lijf geschreven. Opgevoed met de Bijbel zijn grote verhalen hem niet onbekend. Hij geeft zich duidelijk rekenschap van het feit dat er al heel veel hem is voorgegaan. Vele eeuwen (kunst-) geschiedenis zijn in zijn werk terug te vinden, maar dat doet hij zonder te citeren en dat is een kwaliteit. Dat maakt zijn werk op nog een andere manier groot.
Wiebe van der Hoeven, Pointing Finger, 2008
Fly
Op zondag 21 maart om 13.00 uur wordt bij Heden de solotentoonstelling Boys Don’t Cry van Twan Janssen geopend.
Twan Janssen is een acteur die de kunstenaar Twan Janssen speelt. De werken die hij maakt zijn rekwisieten in het toneelstuk van zijn carrière. Janssen toont in deze tentoonstelling recent werk bestaande uit zakdoek-, spiegel- en strafwerkschilderijen. De titel van de tentoonstelling lijkt te verwijzen naar het verdringen en verwerken van verlies, alles gebracht binnen de kaders van de schilderkunst. Want dát is wat hij vooral is; een schilder.
Eén die de schilderkunst op onorthodoxe wijze benadert. De verf wordt niet zoals gewoonlijk met penselen op een doek geschilderd, maar wordt eerst in lange stroken gedroogd en daarna gevlochten op een doek. Of het wordt als lap met magneten aan het schildersdoek bevestigd. Zo wordt de logische twee-eenheid doek en drager uit elkaar gehaald en kunnen we het schilderij weer met een frisse blik bekijken.
Ter gelegenheid van de tentoonstelling verschijnt een publicatie van Twan Janssen, uitgegeven door Heden. Een aantal kunstwerken uit de tentoonstelling zal worden opgenomen in de collectie van Heden en zijn te huur. Speciaal voor de tentoonstelling zal de kunstenaar een serie zakdoekschilderijen maken die als editie wordt uitgegeven.
Property number 100206: Untitled, 2010, Acrylverf op doek, 18 x 24 cm.